U wil indien mogelijk blijven samenwonen

• Procedure op grond van artikel 221 B.W. voor de Vrederechter

Deze procedure kan ingesteld worden wanneer één van de echtgenoten niet bijdraagt in de lasten van het huwelijk. De vrederechter kan de weerbarstige echtgenoot dwingen om zijn bijdrage te leveren in de kosten en uitgaven van het gezin. Zo kan de vrederechter loondelegatie toestaan, waardoor de werkgever een deel van het loon van de éne echtgenoot rechtstreeks dient door te storten aan de andere echtgenoot.

Het doel van dit artikel is het behoud van het gezin. De procedure kan ook toegepast worden wanneer één van de echtgenoten de gezinswoning verlaten heeft. De partij die dan in de gezinswoning blijft en de feitelijke scheiding niet wenst kan dan aanspraak maken op hulp en bijstand in de vorm van een financiële bijdrage van de echtgenoot die de woning verliet.

• Er is een crisis maar u wil het huwelijk een kans geven.

Procedure op grond van artikel 223 B.W. voor de Vrederechter

Partijen kunnen zich tot de Vrederechter wenden wanneer zij zich in een huwelijkscrisis bevinden maar niet de bedoeling hebben definitief uit elkaar te gaan. De Vrederechter kan dan ‘voorlopige en dringende maatregelen’ treffen. Vaak komt het erop neer dat de vrederechter aan de ene partij, voor een aantal maanden, het recht geeft om alleen verder te wonen in de echtelijke woning, en ook de verplichting oplegt aan één van de partijen om onderhoudsgeld te betalen. Zoals de titel laat uitschijnen, is de Vrederechter de rechter van de vrede en moet zijn tussenkomst gericht zijn op verzoening.

Voor de nieuwe echtscheidingswet in voegen trad, werd van deze procedure vaak misbruik gemaakt om een eigenlijke echtscheiding voor te bereiden. De procedure heeft immers als voordeel dat zij goedkoop en snel is. Met de nieuwe echtscheidingswet is er geen reden meer om onecht gebruik te maken van de Vrederechter (zie verder).