Verkoop van het pachtgoed

Indien het gepacht goed door de verpachter uit de hand of openbaar wordt verkocht,
moet de pachter als eerste de gelegenheid krijgen om het goed aan te kopen tegen dezelfde prijs en voorwaarden die zouden gelden tegenover buitenstaanders. De pachter moet dan ook op de hoogte gebracht worden van de geplande verkoop.

In geval van verkoop uit de hand beschikt de pachter over één maand om zijn aanvaarding kenbaar te maken aan de notaris.

Als pachter ben je evenwel niet verplicht om zelf het recht van voorkoop uit te oefenen. Je kan je recht van voorkoop overdragen aan een derde. De verpachter kan echter eisen dat deze derde waarborgen biedt.

Om zijn rechten als pachter te behouden, is de pachter nooit verplicht het aanbod te aanvaarden. Als hij het niet aanvaardt, wordt het goed aan iemand anders verkocht die dan evengoed de pachtovereenkomst moet respecteren als de vorige verpachter.

Als de pachter niet de mogelijkheid gekregen heeft om zijn recht van voorkoop uit te oefenen, kan hij een schadevergoeding vragen, of kan hij zelfs vragen om in de plaats van de koper gesteld te worden. Een dergelijke vordering moet wel ingesteld worden binnen de drie maanden na de toewijzing bij openbare verkoop of, bij verkoop uit de hand, na de kennisgeving van de verkoop door de notaris.

In een aantal specifieke gevallen beschreven in de wet speelt het recht van de voorkoop voor de pachter niet.