Strafuitvoering

Geldboete

De ‘Dienst Penale Boetes’ is verantwoordelijk voor het invorderen van de geldboetes waartoe u veroordeeld bent. U zal geruime tijd na uw veroordeling een brief ontvangen waarin u aangemaand wordt om het correcte bedrag van de geldboete over te maken. Het is steeds mogelijk om de geldboete in schijven te betalen. Het volstaat daartoe een gemotiveerd verzoek te richten aan de bevoegde dienst. U kan hiervoor steeds een beroep doen op een medewerker van het kantoor.

Gevangenisstraf

Indien u veroordeeld werd tot een gevangenisstraf, heeft dit niet automatisch tot gevolg dat u definitief wordt opgesloten. Indien u veroordeeld wordt tot een korte gevangenisstraf, heeft u veel kans dat deze niet wordt uitgevoerd. Minister Onkelinx stelde een rondzendbrief op met de bedoeling de overbevolking in de gevangenissen tegen te gaan.

Hierdoor worden effectieve gevangenisstraffen tot zes maanden niet uitgevoerd. Indien u tot meer dan zes maanden veroordeeld werd, moet u slechts een gedeelte van de gevangenisstraf uitzitten. In principe wordt de effectief opgelegde gevangenisstraf systematisch herleid tot één derde van de straf.

Indien u uw gevangenisstraf wel effectief moet uitzitten, bestaan er nog steeds bepaalde alternatieven die u kan verzoeken: het elektronisch toezicht, het weekendarrest, de beperkte hechtenis of de halve vrijheid.

Alternatieve straffen:

De gunst van de opschorting

Bij opschorting oordeelt de rechter dat de feiten bewezen zijn en dat de betichte bijgevolg schuldig is, maar legt hij geen veroordeling op.

De opschorting kan gekoppeld worden aan probatievoorwaarden (zie hierna).
Deze probatievoorwaarden dienen nageleefd te worden gedurende een periode van één tot maximaal vijf jaar.

U kan slechts van de gunst van de opschorting genieten indien:

• u geen voorafgaande gevangenisstraf van meer dan zes maanden opgelegd werd
• op het misdrijf geen straf staat die zwaarder is dan vijf jaar, met uitzondering van drugsdelicten.

Uitstel

Bij uitstel oordeelt de rechter dat de feiten bewezen zijn én spreekt hij ook effectief een straf uit. Deze straf wordt wel uitgesproken met uitstel. Dit uitstel is meestal gekoppeld aan probatievoorwaarden die moeten nageleefd worden gedurende een periode van één tot maximaal vijf jaar.

U kan slechts van de gunst van de opschorting genieten indien:

• u geen voorafgaande gevangenisstraf van meer dan twaalf maanden opgelegd werd
• op het misdrijf geen straf staat die zwaarder is dan vijf jaar, met uitzondering van drugsdelicten.

Probatievoorwaarden

Deze voorwaarden worden meestal opgelegd wanneer de rechter de gunst van de opschorting of het uitstel toekent.

De voorwaarden kunnen onder meer zijn: werk zoeken en gevonden werk niet vrijwillig verliezen, een ontwenningskuur volgen, therapie volgen, begeleiding zoeken door een justitieassistent en geregeld op gesprek gaan, enzovoort…

Werkstraf

De rechter kan – enkel wanneer u hiertoe uitdrukkelijk instemt – een werkstraf opleggen. Dit houdt in dat u werk zal moeten verrichten bij een openbare dienst of vzw gedurende een aantal door de rechter opgelegde uren. In principe wordt één maand gevangenisstraf gelijkgesteld aan een werkstraf van 60 uur. De werkstraf kan maximaal 300 uur bedragen.