1. Het voorlopig onderzoek: vaststelling en onderzoek van het misdrijf

Aangifte van de feiten bij de politie

De gerechtelijke politie is belast met het opsporen van misdrijven. De politie verzamelt de bewijzen ervan en levert de daders over aan de rechtbanken die op hun beurt belast zijn met hun bestraffing.

Indien u het slachtoffer bent van een misdrijf, moet u dit bijgevolg onmiddellijk aangeven bij de politie. Die zal van het misdrijf een proces-verbaal opstellen, eventuele getuigen ondervragen en eventuele sporen onderzoeken.

Opstelling van een proces-verbaal – strafdossier

In een proces verbaal geeft de politie alle gegevens weer die gedurende het onderzoek verzameld zijn: verhoor van slachtoffers, getuigen, bevindingen van de politie tijdens plaatsbezoeken, etc. Deze proces-verbalen worden toegevoegd aan het strafdossier, dat vervolgens wordt overgemaakt aan het parket. In de proces verbalen wordt het bewijs van de strafbare feiten weergegeven.

De rechter zal zich tijdens de behandeling van de rechtzaak en de beoordeling van de strafbare feiten laten leiden door de bewijzen die hij terugvindt in de processen verbaal. Het zal zelden voorkomen dat de rechter getuigen of slachtoffers opnieuw zal horen in de rechtzaal.

Het Openbaar Ministerie beslist om al dan niet tot vervolging over te gaan

In elk gerechtelijk arrondissement zetelt een procureur des Konings aan het hoofd van het parket gevestigd in het plaatselijke justitiepaleis. De procureur des Konings wordt bijgestaan door zijn substituten.

De procureur des Koning is belast met de opsporing en de vervolging van de misdrijven. De procureur moet zowel de bewijzen ten voordele als ten nadele van de verdachten onderzoeken.

De procureur neemt enerzijds kennis van de misdrijven via de politie. Anderzijds maken de verbalisanten hun proces-verbaal over aan het parket. Op basis van al deze gegevens wordt een strafbundel samengesteld met alle gegevens die over het misdrijf werden verzameld.

De procureur heeft de leiding over het strafonderzoek. Enkel voor bepaalde verregaande dwangmaatregelen, zoals bv. huiszoeking, moet de procureur een beroep doen op een onderzoeksrechter.

De procureur des Konings heeft daarnaast de mogelijkheid om op eigen initiatief onderzoeken in te stellen. U kunt zich als burger dan ook rechtstreeks wenden tot het parket.

Wanneer het onderzoek afgerond is, zal de Procureur des Konings beslissen om al dan niet tot vervolging over te gaan afhankelijk van het feit of er al dan niet een misdrijf vastgesteld werd. De Procureur zal een dagvaarding uitsturen die de verdachte verplicht op een bepaalde dag en een bepaald uur voor de bevoegde strafrechter te verschijnen.

Wat kan u doen indien de Procureur besluit het dossier te seponeren en niet over te gaan tot vervolging?

U kan zich tot de onderzoeksrechter wenden en daar een klacht met burgerlijke partijstelling neerleggen. Op die manier wordt een ‘gerechtelijk onderzoek’ ingeleid. In dit geval is géén klassering zonder gevolg meer mogelijk. De onderzoeksrechter moet steeds onderzoeksmaatregelen nemen.

Wanneer er voldoende bewijzen bestaan omtrent de schuld van de persoon én u meer belang hecht aan de betaling van een schadevergoeding dan aan de strafrechterlijke veroordeling van deze persoon, kan u opteren voor een rechtstreekse dagvaarding. De verdachte moet dan voor de burgerlijke rechter verschijnen die de door hem te betalen schadevergoeding zal begroten. Zelf kan de burgerlijke rechter geen straf uitspreken.